Wat is een drogreden?
Een drogreden is een onjuist of ongeldig argument. Het lijkt misschien logisch, maar klopt bij nader inzien niet. In het dagelijks leven en in media worden vaak drogredenen gebruikt om een standpunt overtuigend te laten lijken. In het examen moet je ze kunnen herkennen, benoemen en uitleggen waarom ze niet kloppen.
Hieronder vind je de belangrijkste drogredenen die je op havo en vwo moet kennen, met uitleg en concrete voorbeelden.
1. Onjuist beroep op een oorzaak-gevolgschema
Uitleg: Er wordt ten onrechte een verband gelegd tussen oorzaak en gevolg.
Voorbeeld:
“Sinds energiedrankjes populair zijn, zijn de schoolresultaten gedaald. Dat komt dus door de energiedrankjes.”
→ Misschien zijn er ook andere oorzaken, zoals slechtere nachtrust door schermgebruik.
2. Verkeerde vergelijking
Uitleg: Twee situaties worden vergeleken terwijl die vergelijking niet opgaat.
Voorbeeld:
“Roken is verboden op school, dus energiedrank moet dat ook zijn.”
→ Die vergelijking gaat niet volledig op: roken is verslavend en schadelijk op andere manieren dan energiedrank.
3. Overhaaste generalisatie
Uitleg: Uit één of enkele gevallen wordt te snel een algemene conclusie getrokken.
Voorbeeld:
“Mijn neef drinkt elke dag energiedrank en is kerngezond, dus het is niet slecht voor je.”
→ Eén voorbeeld zegt niets over het geheel.
4. Cirkelredenering
Uitleg: Het standpunt wordt ondersteund door een herhaling van het standpunt in andere woorden.
Voorbeeld:
“Energiedrank moet verboden worden, want het hoort niet op school.”
→ Waarom hoort het niet op school? Dat moet nog onderbouwd worden.
5. Persoonlijke aanval (ad hominem)
Uitleg: De persoon wordt aangevallen in plaats van zijn argument.
Voorbeeld:
“Dat betoog over energiedrank kan ik niet serieus nemen, want de schrijver is zelf verslaafd aan cola.”
→ Het gaat om de inhoud van het betoog, niet om wie het schrijft.
6. Beslissing op basis van autoriteit (onjuiste autoriteit)
Uitleg: Er wordt een beroep gedaan op een bron die geen deskundige is.
Voorbeeld:
“Volgens deze TikTokker kun je zonder probleem vijf blikjes per dag drinken.”
→ Een influencer is geen medisch expert.
7. Het ontduiken van de bewijslast
Uitleg: Er wordt gedaan alsof iets vanzelfsprekend is, zonder het te bewijzen.
Voorbeeld:
“Het is toch duidelijk dat energiedrankjes slecht zijn?”
→ Nee, dat moet je nog onderbouwen met feiten of logica.
8. Verkeerde oorzaak-gevolgredenering (post hoc ergo propter hoc)
(vooral vwo)
Uitleg: Er wordt gezegd dat A leidt tot B, enkel omdat B ná A komt.
Voorbeeld:
“Nadat scholen energiedrankjes verboden, zijn de cijfers verbeterd. Dat komt dus daardoor.”
→ Er kunnen andere factoren zijn geweest.
9. Zwart-witdenken (valse dichotomie)
Uitleg: Er wordt gedaan alsof er maar twee opties zijn.
Voorbeeld:
“Of we verbieden energiedrankjes, of de jeugd gaat eraan onderdoor.”
→ Er zijn meer tussenvormen mogelijk.
Wat moet je op het examen?
- De drogreden herkennen (vaak in tekstfragment of in een meerkeuzevraag).
- Benoemen welk type drogreden het is.
- Kunnen uitleggen waarom het argument niet klopt.
- In schrijfopdrachten: drogredenen vermijden.